Header achtergrond
Header achtergrond

Organisatie

Onze diensten:

De dienstverlening omvat fiscale- en juridische dienstverlening. Tax-planning op het gebied van inkomstenbelasting vennootschapsbelasting, successierecht, btw en overdrachtsbelasting is een belangrijk onderdeel. Verder wordt deze dienstverlening geïntegreerd met adviezen op juridisch en financieel gebied. Waar nodig kunnen zowel op gebied van belastingrecht en bestuursrecht alle juridische procedures gevoerd worden tot in hoogste instantie.

Onze vestigingen:

Wijnkamp & Keulers is een zelfstandig belastingadvieskantoor onder de naam Wijnkamp & Keulers Fiscaal Juristen Zoetermeer BV en een advocatenkantoor onder de naam Wijnkamp & Keulers Advocaten Belastingkundigen BV. Er is een eigen relatienetwerk van betrouwbare partners, waaronder administratiekantoren, accountantskantoren, advocaten, waarvoor diensten worden verleend op ondersteunend gebied en van wie diensten worden ingekocht. Ook in België, in Zwitserland en in Oostenrijk zijn er eigen betrouwbare partners.

In Zoetermeer wordt gewerkt met universitair geschoolde adviseurs, twee hebben zowel een civiel- annex bedrijfsjuridische opleiding als een fiscale opleiding. Een dubbele academische vorming met bijbehorende dubbele mr titel. De senior-medewerkers zijn lid van de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs.

Kijk op dienstverlening:

Persoonlijke totaal-begeleiding is misschien niet uniek, maar de wijze waarop wij het doen wel. De zeer ervaren adviseurs zijn elk relatie-manager voor een persoonlijk met hen verbonden groep klanten. Naast en met het contact dat zij hebben met u, wordt gewerkt in een team-verband waarbij door de kleine omvang van de organisatie en aandacht voor zeer korte communicatie-lijnen zeer efficiënt kan worden gewerkt. De ervaring en specialisaties van de adviseurs zorgen naast een zeer uitgebreide en brede fiscaal-juridische kennis en ervaring voor unieke kwaliteit. De kwaliteit van het dienstenpakket kan elke toets moeiteloos aan, ook die van gereputeerde en gerespecteerde world-wide opererende accountants- en belastingadviesbureaus. Er wordt veel aandacht besteed aan kwaliteitshandhaving en -verbetering, onder meer door een uitgebreid en permanent bijscholingsprogramma. Naast de (verplichte) bijscholing door de beroepsorganisatie worden er veelvuldig post-academische cursussen gevolgd. De adviseurs van Wijnkamp & Keulers publiceren zelf trouwens ook regelmatig en geven zelf (post-academische) cursussen.

Onze klanten:

Wijnkamp & Keulers groeit zeer hard. Waar collega's via overnames omzet moeten kopen om te groeien, kennen wij uitsluitend autonome groei. En zo zal het ook moeten blijven. Wij richten ons op ondernemers in het klein- en middenbedrijf. Wij zijn ons bewust van de verwevenheid van de privé en zakelijke aspecten die bij ondernemen onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden. De familie speelt een rol, niet in de laatste plaats om de belastingdruk te verlagen. Uit eigen ervaring, ook wij zijn immers ondernemer in het kleinbedrijf, denken we met u mee op een wijze die nauw aansluit bij uw beleving en interesse. Daarbij integreren we juridische, fiscale en bedrijfseconomische aspecten zodat u niet een uitsluitend fiscale oplossing voor uw problematiek krijgt, maar een verfrissende, effectieve, overzichtelijke en financieel aantrekkelijke totaal-oplossing. Geen specialisten dus die, mijlenver en hoogverheven boven u, totaal onbegrijpelijke paden bewandelen en elkaar aan het werk houden, maar een heldere en kostenbewuste kwalitatief hoogstaande aanpak.

Wij hebben klanten die variëren van particulieren met een eenvoudige aangifte inkomstenbelasting tot multi-nationaal opererende ondernemingen, landbouwers, tuinders, artsen, fysiotherapeuten, architecten, een verzekeringsmaatschappij, diverse bouwbedrijven, projectontwikkelaars, management consultants, accountantsbureaus en administratiekantoren, advocaten, campings en recreatie-centra, verenigingen en belangenorganisaties en uiteraard middenstanders in talloze branches. Inmiddels hebben we zo'n driehonderd klanten en we kunnen wekelijks gemiddeld drie nieuwe klanten verwelkomen.

Onze visie op belastingen:

Ieder zijn deel maar niet teveel. De wet bepaalt welke belasting er geheven kan worden. Heffing moet op de wet zijn gebaseerd. Wij zullen al het mogelijke doen om uw belastingdruk uiteindelijk zo laag mogelijk te doen zijn. Binnen geoorloofde kaders uiteraard maar dat spreekt voor zich. De legale weg levert u, en dus ons ook, uiteindelijk veel meer voordeel op. Wij hebben respect voor de Belastingdienst en we vinden dat zij dat voor ons ook moeten hebben. Dat is in verreweg de meeste gevallen ook zo. Blijkt dat echter niet het geval te zijn, en neemt een inspecteur een onterecht standpunt in, dan moet duidelijk zijn dat wij niet zullen aarzelen om de rechter in te schakelen. Dat zal overigens nooit gebeuren zonder uw toestemming, want uw belang staat uiteraard voorop. Als het niet te vermijden is, gaan we voor u tot aan de Hoge Raad. Wij hebben er de kennis voor en de ervaring in. Vaak is die kennis en ervaring al genoeg voor de Belastingdienst om het niet zo ver te laten komen. Het wettelijke stelsel verandert voortdurend en razendsnel. Internet en de elektronische gegevens opslag- en raadpleging zijn niet meer weg te denken in ons vak. Wij volgen de wetgeving en de totstandkoming op de voet en lichten onze klanten en relaties actief voor. Waar mogelijk wordt geanticipeerd op komende wetgeving in onze advisering. Onze fiscale planning heeft onze klanten zeer veel voordeel opgeleverd een becijfering daarvan is nauwelijks te geven maar loopt in de honderden miljoenen euro's. Overigens is "voordeel" een relatief begrip, onze klanten betalen niet te weinig belasting, velen die niet klant bij ons zijn, betalen gewoon teveel belasting.

Onze tarieven:

U zult aangenaam verrast zijn. Onze tarieven zijn beduidend lager dan wat u gewend bent. Wij zijn van mening dat de efficiency in onze dienstverlening tot uitdrukking moet komen in wat u betaalt. Gebruikelijke tarieven van € 275,-- per uur of meer zult u bij ons dan ook niet zien. Bovendien brengen wij u uitsluitend de directe uren in rekening. Door onze zeer lage overhead betaalt u dus alleen de uren die wij voor u hebben gemaakt. In veel gevallen zijn vaste offertes mogelijk. U weet dus in de meeste gevallen exact waar u aan toe bent.

Informatie:

We schrijven ook regelmatig in allerlei bladen over onze advisering en kijk op besparing van belasting. Ook hebben we een tweetal periodiek verschijnende nieuwsbrieven. Verder kunt u altijd geheel vrijblijvend per telefoon vragen stellen of ons benaderen voor een vrijblijvend en oriënterend gesprek. Wij nodigen u van harte uit om nader kennis met ons te maken!

Privacy:

De privacy van de bezoekers aan onze website wordt door ons gerespecteerd. Ook zal daarmee vertrouwelijk worden omgegaan door onze ter zake betrokken medewerkers en derden die verantwoordelijk zijn voor onze gegevensopslag. Veiligheidsprocedures om de privacy te beschermen zijn onderdeel van onze dienstverlening.

Laatste nieuws

  • Landbouwgrond in gebruik bij eigen landbouwbedrijf blijft fiscale aandacht vragen Door Wijnkamp Keulers op 24-01-2023

    De berichten over mogelijke beperkingen in de vrijheid om landbouwgrond te verkopen aan de beste koper overschaduwen de mogelijke afschaffing van de landbouwvrijstelling in de inkomstenbelasting. Naast de zorg over de inkomstenbelasting zijn er ook knelpunten in de overdrachtsbelasting. Voor boeren-eigenaren is een strategie met betrekking tot het handhaven van eigendoms- en fiscale rechten meer dan ooit noodzaak. Nu zullen wij aandacht besteden aan maatregelen, die een beperking of afschaffing van de landbouwvrijstelling minder nadelig doen zijn.

    De meeste landbouwers weten wel wat hun grond bij verkoop zou opleveren, althans wat de zogenaamde WEVAB is, dat is de waarde van landbouwgrond die gewoon landbouwgrond blijft. Herwaarderen tot die WEVAB is in meerdere opzichten van belang. Niet alleen is dan de waarde op de balans in overeenstemming met de feitelijke waarde, waardoor er minder boekwinst zal zijn en minder belasting verschuldigd zal zijn, ook wordt daarmee de waarde veel beter in beeld gebracht. Zou een overheids-voorkeursrecht of onteigening aan de orde zijn, dan zal bij een lagere waarde gemotiveerd moeten worden door de overheidsinstantie waarom niet tot de boekwaarde de schade wordt vergoed.

    Je kunt niet zomaar herwaarderen. Hoe dan ook is duidelijk dat jaarlijks de waarde aanpassen fiscaal niet is toegestaan. Er moet een aanleiding zijn. Dat kan zijn omdat er inbreng is in een BV of maatschap (met de kinderen), vooral als dat voor een paar procent is, waarbij de eigenaar grotendeels eigenaar blijft, is dat een werkbare methode. Er zijn er meer, maar alle komen erop neer dat als er een (gering) economisch belang al is dat toekomstige winst overgaat, dan mag er worden geherwaardeerd.

    Let op dat er geen overdrachtsbelasting verschuldigd wordt. De grond moet wel minstens 10 jaar agrarisch gebruikt blijven worden en de vrijstelling is beperkt tot cultuurgrond. Maak ook een apart dossier aan over, hoe u aan de waarde bent gekomen, dat kan vooral later van pas komen. U moet ook bij vrijstelling van overdrachtsbelasting toch aangifte doen. Herwaardering kan via de notaris, maar dat hoeft niet. Een simpele onderhandse akte voldoet, ook aangifte kan door een ieder worden gedaan.

    De agrarische sector wordt in het huidige politiek-maatschappelijk debat steeds meer in de verdrukking gebracht. Wees waakzaam en neem maatregelen om uw rechten en fiscale positie te beschermen. Helaas is afwachten niet de juiste optie.

    Lees verder
  • Belastingplannen 2023, ondernemers betalen meer Door Wijnkamp Keulers op 28-09-2022

    Tegen de achtergrond van de snel oplopende inflatie, die nog eens extra is aangejaagd door de Ukraine-energie crisis, lijkt de rijksbegroting al verouderd te zijn voordat het nieuwe begrotingsjaar is ingegaan. Inflatie 2,6% klinkt tegen de huidige achtergrond als een onbereikbaar ideaal, koopkrachtstijging bij 2,6 % inflatie, zoals volgens de Miljoenennota aan de orde is, is bij bijna 10% inflatie illusoir. De overheid heeft door inflatie en hogere energieprijzen veel meer (belasting)inkomsten, er is dus ruimte om te compenseren en na aanvankelijke aarzelingen, om de energie-transitie niet af te remmen, is het kabinet uiteindelijk te elfder ure, tegen heug en meug, toch overstag gegaan. Net zoals elders in Europa wordt de burger nu gecompenseerd. Niet meteen, niet allemaal en niet volledig, maar toch … de ondernemers echter staan jammer genoeg achteraan.

    De belastingplannen voor 2023 zijn niet aangepast en ademen in alles nog steeds de stand van zaken in het 1e/2e kwartaal van 2022 uit. Het had voor ondernemers erger kunnen zijn. Niettemin, voor ondernemers en vermogenden dreigt er nog wel wat nader in te vullen onheil. We gaan niet alles opsommen, we halen er enige onderdelen uit die voor ondernemers van belang kunnen zijn.

    Overweegt u een bedrijfsopvolging, maak dan wat haast. Er zijn nu gunstige regelingen, of dat zo blijft, is de vraag. Er gaan stemmen op om als er voldoende “vermogen” is geen vrijstellingen te verlenen voor IB en erfbelasting. Dat vermogen en vooral liquiditeit aftappen gevolgen kan hebben voor de continuïteit van een onderneming wordt in de politiek maar niet onderkend. Banken financieren nauwelijks meer, dat betekent dat een groter eigen vermogen noodzaak is. Als er bij de opvolging belasting moet worden afgerekend en er geen bancaire financiering mogelijk is, kan dat het einde van een bedrijf betekenen. Dat betekent dat opvolgers afhaken, het bedrijf bloedt al eerder langzaam dood.

    Het verhogen van het verplichte loon voor de DGA van 75% naar 100% in 2023 van het gebruikelijk loon is ook niet goed, ook dat betekent meer en eerder belasting betalen, dus uithollen van het ondernemingsvermogen.
    Voor start-ups en scale-ups geldt nu ook de gewone gebruikelijk loon-regeling. Daar komt het knelpunt bij voor medewerkers, die in aandelen meegroeien met hun bedrijf, een loonheffingsclaim dreigt over de aangegroeide meerwaarde van hun aandelen, het zogenaamd lucratief belang. Inflatie, loonsverhogingen en LH-claims belemmeren start- en scale-up ontwikkelingen. Als we in Nederland werkelijk dit soort ondernemingen willen stimuleren, dan moet er fiscaal toch een heel andere wind gaan waaien.

    Dat brengt mij op enige kritiek op de uitgangspunten van het kabinet te weten, fiscaal meer gelijkheid tussen werknemers en ambtenaren enerzijds en ondernemers anderzijds. Het is appels met peren vergelijken. De fiscale voordelen stimuleren ondernemerschap door de beschikbaarheid van eigen vermogen. Een ondernemer moet er altijd rekening mee houden dat hij vanuit eigen privévermogen geld in zijn onderneming zal moeten bijstorten, privévermogen is dus risicovermogen. Bij ambtenaren en werknemers is privévermogen voor consumptie of sparen, het hoeft nooit meer terug naar de werkgever en is dus geen risicovermogen. In Corona-tijd hebben doorbetaalde ambtenaren en werknemers hun geld kunnen oppotten, veel ondernemers hebben hun vermogen juist zien verdampen. De reserves zijn bij velen op, hoge energienota’s combineren met extra belastingheffing is niet slim, hopelijk onderkent men dat.

    Verder geeft de Miljoenennota 2023 vooral maatregelen aan in de tariefsfeer en afbouw van aftrekposten. We geven wat voorbeelden. De bijtelling eigen woning wordt weliswaar lager, echter ook de beperking van de aftrek van hypotheekrente gaat verder. Niet spectaculair, maar de aftrek is nu gemaximeerd tot een tarief van circa 37% voor hogere inkomens (ca € 73.000 belastbaar inkomen). Dat en de stijging van de overdrachtsbelasting naar 10,4% voor niet eigen woningen betekent dat de lasten in en rond (verhuur) woningen de laatste jaren flink zijn toegenomen. De door hogere OZB-waarde toegenomen lokale lasten hebben een flinke lastenverzwaring voor de middenklasse tot gevolg gehad.

    Voor zelfstandigen geldt dat de zelfstandigenaftrek wordt afgebouwd tot uiteindelijk € 900 in 2027. Dat en beperking van de MKB-winstvrijstelling is een aderlating, die ook ondernemers met een laag inkomen raakt.

    Box 2 voor DGA’s wijzigt significant vanaf 2024. Tot ca € 67.000 kan dividend worden uitgekeerd tegen in totaal 24,5% (26,9% in 2022). Boven de € 67.000 zou het 31% moeten worden. De VpB gaat omhoog boven de € 200.000 winst naar 25,8%. Voor het MKB valt daar wel mee te leven. Het lijkt erop dat met dividenduitkeringen belast tegen 24,5% tot pakweg € 67.000 met name oudere ondernemers zonder pensioen in staat worden gesteld om ca € 51.000 per jaar netto-inkomen uit de BV te halen voor hun levensonderhoud. Dat is een hoopvol begin, … hopelijk kan er nog wat meer ruimte worden gevonden en dat hoeft niet al te ingewikkeld te zijn.

    Lees verder
  • Box 3-aanslag 2017, 2018: geen bezwaar gemaakt, geen geld terug? Door Wijnkamp Keulers op 09-06-2022

    Op 20 mei jl. heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan over de situatie van belastingplichtigen, die geen bezwaar hebben gemaakt tegen de box 3-heffing en dus niet meelopen in de massaal bezwaarprocedure. In de pers is geconcludeerd, dat de Belastingdienst niet verplicht is teveel betaalde belasting terug te storten naar die groep. Dat is te kort door de bocht. Volgens de Hoge Raad is de Staatssecretaris van Financiën niet verplicht om via ambtshalve verminderingen aan de niet-bezwaarmakers rechtsherstel te verlenen. Dit oordeel is niet alleen terecht, maar was ook verwacht. De Hoge Raad heeft echter niet geoordeeld over de rechtsvraag of ook zonder een ambtshalve vermindering de Staat niet toch verplicht kan zijn om onrechtmatig geheven belasting terug te betalen.

    Compensatie voor bezwaarmakers
    Het is niet zo dat alle box 3-belasting aan bezwaarmakers over de jaren 2017 en 2018 zal worden terugbetaald. Degenen, die een werkelijk rendement hebben behaald groter dan 4% van hun totale vermogen, zullen niets terugkrijgen. Voor diegenen, die minder dan 4% rendement hebben behaald, wordt gekeken naar de verhouding spaargeld, overige bezittingen en schulden.

    Niet-bezwaarmakers
    De Hoge Raad heeft in het arrest van 20 mei jl. alleen beslist dat binnen het kader van het bestuursrecht op grond van de Wet IB 2001 en de Algemene wet inzake Rijksbelastingen (AWR) de inspecteur niet verplicht is om een besluit te nemen tot een ambtshalve vermindering van de aanslag IB. Dit omdat sprake is van nieuwe jurisprudentie, die niet zou gelden voor reeds vaststaande aanslagen, tenzij dit door de Minister van Financiën alsnog wordt bepaald.

    Hiermee is de zaak wat ons betreft echter niet over. Alleen al om praktische redenen, de Staatssecretaris wil procedures voor de burgerlijke rechter voorkomen en heeft ook weinig zin in een situatie, waarbij voortaan elke belastingbetaler tegen elk jaar bezwaar zal maken in de hoop dat er vijf jaar na het indienen van de aangifte alsnog te veel geheven belasting zal worden gecompenseerd.

    Beroep op algemene beginselen van behoorlijk bestuur
    Feit is, dat met het kerstarrest is komen vast te staan, dat de box 3-wetgeving in strijd is met het eigendomsrecht en discriminatieverbod, zoals vastgelegd in het EVRM. Het zou, naar ons idee, onredelijk zijn om de heffing bij de groep niet-bezwaarmakers in stand te laten. De burger mag er immers op vertrouwen dat de wetgeving deugdelijk is en zo niet, dat een dergelijke tekortkoming wordt hersteld.

    Wat kan er nu worden gedaan?
    Controleer de aanslagen vanaf 2017: staan deze vast of zijn er nog mogelijkheden om de onherroepelijkheid van de aanslag ter discussie te stellen? Bijvoorbeeld loopt er nog een bezwaar inzake een box 1-post en kan daarin alsnog het box 3-element aan de orde worden gesteld. Dit kan bijvoorbeeld door de fiscale toerekening tussen fiscale partners (2.17 IB 2001) ter discussie te stellen.

    Ook wanneer sprake is van het voornemen van de Belastingdienst tot het opleggen van een navorderingsaanslag, is de aanslag IB over dat betreffende jaar nog niet onherroepelijk en is er, in beginsel, middels bezwaar tegen de navorderingsaanslag ook bezwaar tegen het box 3-element van de aanslag mogelijk.

    Overheid pleegde onrechtmatige daad.
    Als de Staatssecretaris volhardt in het niet bieden van rechtsherstel aan de groep niet-bezwaarmakers, dan is bij het ontbreken van een rechtsgang bij de bestuursrechter, de weg naar de civiele rechter open.

    Er is sprake van belastingheffing, waarvoor een wettelijke grondslag ontbreekt, door de strijd met het eigendomsrecht en discriminatieverbod. De Staat heeft onrechtmatig gehandeld en er zou alsdan sprake kunnen zijn van een vordering tot schadevergoeding bij de (gewone) civiele rechter. De te vorderen schade is de teveel betaalde box 3-heffing afgezet tegen de compensatie, die bezwaarmakers krijgen.

    Tot slot
    Gegeven het feit dat de zaak juridisch, naar verwachting, nog allerminst is beslist, is het aan te raden tegen aanslagen over de jaren na 2017, die nog openstaan en waartegen nog bezwaar mogelijk is, bezwaar te maken en anders een verzoek tot ambtshalve vermindering in te dienen. Voorts is het verstandig om voor het eind van dit jaar (in verband met de wettelijke termijn van vijf jaar) inzake IB 2017 een verzoek tot ambtshalve vermindering in te dienen.

    In de komende maanden zal er meer duidelijkheid komen, hetzij door collectieve procedures, hetzij door nadere berichtgeving van de Staatssecretaris. Wordt dus vervolgd.

    Lees verder
  • Box 3 … wat nu …? Door Wijnkamp Keulers op 10-05-2022

    Rond de kerst 2021 heeft de Hoge Raad de geldende wet- en regelgeving, die box 3 in de IB regelt, vanaf 2017 als onverbindend aangemerkt. Nadat eerder voor de jaren voorafgaand aan 2017 onder bepaalde omstandigheden in individuele gevallen de vaste box 3-heffing als een ongeoorloofde inbreuk op het eigendomsrecht werd aangemerkt, is inmiddels duidelijk dat het Ministerie van Financiën flink met de vingers tussen de deur zit. De Hoge Raad heeft namelijk ook geoordeeld dat rechtsherstel moet plaatsvinden, dus terugbetaling van onrechtmatig geheven belasting, dat levert forse uitvoeringsproblemen op en gaat een lieve duit kosten.

    Het lijkt erop dat degenen, die door de ondeugdelijke wetgeving in 2017 en daarna in de box 3-heffing zijn betrokken, de belasting op zijn minst gedeeltelijk zullen moeten terugkrijgen. De wetgeving van na 2016 was een poging tot reparatie van de positie van de kleine spaarder. De rechter had al veel eerder bepaald, dat belasting heffen over niet behaalde rendementen bij die groep inbreuk kon betekenen op eigendomsrechten. Dit speelt vooral bij spaarders. Dat oordeel blijft naast het "kerst oordeel" staan en geldt ook voor alle toekomstige wetgeving.

    De ondeugdelijke reparatie in de wetgeving van 2017 en latere jaren, resulteerde erin dat er bij een zekere grootte van vermogen een bepaalde mix tussen spaargeld en andere beleggingen in aanmerking werd genomen, spaargeld werd minder belast en andere beleggingen meer. Bij kleine vermogens werd zo bij fictie een laag rendement in aanmerking genomen en bij grotere vermogens bij fictie een hoger rendement, grotere vermogens werden meer dan evenredig belast, spaarders werden belast voor niet behaald rendement. Regelgeving, die aldus louter op basis van fictief inkomen belast, is te zeer in strijd met Europese mensenrechten, dat is nu zo en zal in de toekomst zo zijn.

    Voor IB 2017 en daarna is de inning opgeschort, diegenen, die teveel hebben betaald, worden gecompenseerd, al is onduidelijk wie en hoeveel. Volgens de Staatssecretaris moet er bezwaar zijn gemaakt, hij wacht op een nieuwe Hoge Raad uitspraak. Wij sluiten niet uit dat een poging tot teruggave van onterecht geheven belasting de moeite van het proberen waard kan zijn, ook al is er geen bezwaar gemaakt en dat geldt ook voor 2016 en eerder.

    Hoe nu verder, de belastingopbrengst kan niet gemist worden en velen menen dat vermogen (meer) belast moet worden en arbeidsinkomsten minder. Niettemin, er mag niet al te veel inbreuk op eigendomsrecht worden gemaakt, geen grote ongelijkheid zijn en er moet sprake zijn van "evenredigheid". Bijkomend probleem is dat lang niet al het vermogen van particulieren in box 3 wordt betrokken. Zo valt de eigen woning in box 1, is hypotheekrente aftrekbaar, vermogenswinst op de woning onbelast en een zeer lage bijtelling over de waarde. Eigen woning-eigenaren betalen meestal minder belasting op arbeidsinkomsten door de aftrekbare hypotheekrente. Een huurder heeft dat voordeel niet. Ondernemingsvermogen wordt ook niet in box 3 belast, maar in box 1 of bij BV's in de vennootschapsbelasting en uiteindelijk bij de aandeelhouders in box 2. Op de vermogenswinst in en van een BV is uiteindelijk bij de aandeelhouder ca 40% belasting verschuldigd.

    De vraag is nu, reparatie van het probleem of moet het gehele belastingstelsel op de schop? In pleidooien voor een ander belastingstelsel blijken nogal eens appels met peren in het kader van eigen belang te worden vergeleken. Jongeren vinden dat ouderen meer moeten worden belast, ouderen vinden dat ze al "genoeg" hebben betaald, "lost generation" en "boomers" staan tegenover elkaar en zo ook huurders en eigen woningbezitters.

    Een nieuw stelsel is daarom nog niet zo makkelijk te realiseren. Misschien is het slimmer om eerst nu box 3 te repareren. Heffen op basis van meer realistische forfaits of daadwerkelijk behaald rendement is een mogelijkheid, ook een vermogensbelasting is een mogelijkheid. De Hoge Raad heeft niet een vermogens(rendements)belasting op basis van ficties uitgesloten. Het gaat er slechts om dat niet uitsluitend op basis van ficties wordt belast.

    De politiek moet zich maar buigen over hoe en in welke mate welk vermogen of rendement bij wie, meer of minder belast moet worden. De burgerrechten serieus nemen deze keer is wel aan te bevelen, want wetgeving, die daar geen rekening mee houdt, blijkt te kunnen sneuvelen met alle financiële gevolgen van dien.

    Lees verder
  • DGA-partners onder vuur, let op loonheffing… Door Wijnkamp Keulers op 02-12-2021

    Zijn het ondernemers, die in dienst van hun eigen persoonlijke BV werken, of zijn het gewone werknemers. Twee grote accountantsorganisaties zien elk een van hun (ex)partners voor de rechter claimen, dat zij geen partner/ondernemer waren, maar gewoon werknemer. Het Financieel Dagblad gaat zelfs zover dat zij de procedure voor het Hof Den Haag, die nu loopt, als "… een bom onder het verdienmodel van de Zuid-as …" duiden.

    De fiscus kijkt belangstellend mee. Want als de managementvergoedingen niet in de persoonlijke BV's vloeien, maar sprake is van loon dat tegen bijna 50% belast wordt, scheelt dat aanzienlijk. Bij een BV kan een managementvergoeding immers voor een aanzienlijk deel tegen voorlopig tegen 15% VpB belast blijven De werkgever zal als sprake is van een dienstbetrekking en loon loonbelasting en premies moeten afdragen, de heffingsmaatstaf staat alsdan niet vast, maar een dure grap is het zeker.

    Naast partners van grote accountantskantoren en advocaten moeten ook werkenden in de IT sector, consultancy, interimmanagement en detachering vrezen voor hun ondernemerschap. Voor diegenen, die dachten dat Nederland start-up en scale-up ondernemerschap stimuleert, is het … wakker worden … In dit land blijft het onderliggende beleid om de meeste vormen van beloning in de loonsfeer te krijgen. Want dat betekent meer belastinginkomsten en meer invloed voor de traditionele SER polderaars. Vergeet trouwens ook niet de gedwongen premie afdracht voor ons peperdure en voor vooral jongeren niet erg aantrekkelijke pensioensysteem. Als een werkende de keuze zou hebben om meer dan 20% van zijn beloning zelf te beleggen of in zijn eigen huis te stoppen, blijft er van ons verplichte pensioenstelsel weinig over.

    Managementfee of loon is een vraag, die al in september 2020 door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden is beslecht. In dat geval werd een DGA als werknemer gekwalificeerd, omdat hij door de aandeelhoudersvergadering (AVA) kon worden ontslagen. Hij mocht zich ook niet door een ander laten vervangen en ook ontbrak enig risico bij de betaling van de managementfee. Tot slot had de DGA faciliteiten, die ook aan de werknemers toekwamen, zoals doorbetaling bij ziekte en een auto van de zaak. De veel gehanteerde 10% aandelennorm bleek niet voldoende, het ging erom dat betreffende DGA eigenlijk in niets anders was dan een werknemer op zijn niveau.

    Wat er beslist gaat worden in de zaak van de accountantskantoren en hun partners zal blijken als het Hof Den Haag uitspraak doet. In de tussentijds is het voor de partners, die via management-BV's werken, goed om eens kritisch naar hun overeenkomsten te kijken en de feitelijke uitvoering van hun activiteiten en beloning. Participeren via management-BV's kan nog steeds, niettemin "verloning" van de fee blijft een risico bij halfbakken uitvoering. Check dat overigens actief voordat de Belastingdienst een LH/BTW controle doet. Naheffingen, al dan niet met boete, zijn niet fijn, het argument dat men het altijd accepteerde gaat voor de loonheffingen niet op. Zelfs een vaststellingsovereenkomst met de fiscus kan een risico vormen als de feiten inmiddels afwijken.

    Lees verder
Follow us
email
twitter
facebook