Kennisgroepstandpunt inzake vervroegd aflossen door langstlevende ouder kan een schenking inhouden... betwistbaar
25-06-2026Bij de wettelijke verdeling krijgt de langstlevende ouder alle goederen van de nalatenschap. De kinderen krijgen daarvoor een geldvordering op de langstlevende ouder. Die vordering is meestal pas opeisbaar bij het overlijden van de langstlevende ouder. De wet bepaalt echter ook dat de langstlevende ouder deze schuld eerder mag aflossen.
De Kennisgroep Successiewet heeft recent het standpunt ingenomen dat vervroegde aflossing van zo’n overbedelingsschuld in bepaalde gevallen een schenking kan opleveren. Volgens de kennisgroep moet worden gekeken naar de contante waarde van de schuld. Betaalt de langstlevende ouder méér dan die contante waarde, dan kan volgens de Belastingdienst sprake zijn van een schenking aan het kind.
Waarom denkt de Belastingdienst aan een schenking?
De redenering is economisch. Een schuld, die pas later hoeft te worden betaald, is vandaag minder waard dan hetzelfde bedrag, dat direct opeisbaar is. Als de langstlevende ouder toch het volle bedrag betaalt, geeft hij volgens de kennisgroep een financieringsvoordeel prijs. Daardoor zou de ouder verarmen en het kind worden verrijkt.
Vooral bij renteloze of laag rentedragende vorderingen kan deze redenering voor de Belastingdienst aantrekkelijk zijn. De ouder hoeft dan immers gedurende zijn leven geen of weinig rente te betalen. Door eerder af te lossen, raakt hij dat voordeel kwijt.
Waarom is dat juridisch betwistbaar?
Een schenking is niet alleen een economisch voordeel. Voor een gift is vereist, dat iemand een ander ten koste van zijn eigen vermogen verrijkt. Bovendien moet sprake zijn van bevoordelingsbedoeling. De Hoge Raad heeft uitdrukkelijk beslist dat de wil tot bevoordelen een zelfstandig vereiste is en niet zomaar mag worden afgeleid uit het enkele feit dat iemand zich bewust is van een voordeel.
Daar wringt het kennisgroepstandpunt. De langstlevende ouder betaalt namelijk een bestaande civielrechtelijke schuld. Het kind had al een vordering. Door betaling verandert die vordering in geld. Dat is niet vanzelfsprekend een gift, maar kan ook gewoon nakoming van een schuld zijn.
Aflossen kan heel normaal zijn
Zeker als de schuld een samengestelde rente van 6% draagt, is vervroegde aflossing goed te begrijpen. Een schuld met 6% rente-op-rente groeit snel. De langstlevende ouder kan dus een zuiver eigen belang hebben om daarvan af te willen. Hij wil dan niet schenken, maar voorkomen dat de schuld verder oploopt.
Dat argument is extra sterk omdat de Successiewet zelf een bijzondere regeling kent voor bovenmatige rente. Voor zover de rente op een overbedelingsschuld méér bedraagt dan 6% samengesteld, kan dat meerdere fiscaal worden getroffen. Daaruit kan worden afgeleid dat 6% samengesteld in deze context juist als aanvaardbare grens fungeert.
De jurisprudentie geeft beide partijen munitie
De Belastingdienst kan wijzen op rechtspraak, waarin niet-opeisbare overbedelingsvorderingen contant worden gewaardeerd. De Hoge Raad heeft in het arrest van 11 juli 1989, BNB 1989/260 aanvaard dat bij uitgestelde opeisbaarheid en rente pas bij overlijden een vruchtgebruik-/waarderingsbenadering relevant kan zijn.
Maar dat is nog niet hetzelfde als zeggen dat iedere betaling boven contante waarde automatisch een schenking is. Daarvoor blijft nodig dat sprake is van bevoordelingswil. Dat volgt juist uit HR 12 juli 2002. Ook HR 5 april 2024 laat zien dat aflossing van een lening of schuldverhouding niet naar haar aard een gift van de hoofdsom vormt; hoogstens kan onder omstandigheden een rentevoordeel afzonderlijk als gift worden beoordeeld.
Conclusie
Het kennisgroepstandpunt is praktisch belangrijk, maar juridisch niet onomstreden. Bij renteloze of laag rentedragende overbedelingsschulden zal de Belastingdienst vermoedelijk kritisch kijken naar vervroegde aflossing tegen nominale waarde. De waarderingsjurisprudentie geeft daarvoor enige steun.
Toch blijft een stevig tegenargument mogelijk. De ouder betaalt een bestaande schuld en maakt gebruik van een wettelijke aflossingsmogelijkheid. Zonder afzonderlijke bevoordelingsbedoeling is dat niet zonder meer een schenking. Bij een overbedelingsschuld met 6% samengestelde rente is het standpunt van de belastingplichtige het sterkst: vervroegde aflossing is dan goed verdedigbaar als normale schuldaflossing ter voorkoming van verdere rente-op-rente, niet als vrijgevigheid.
Laatste nieuws
- Kennisgroepstandpunt inzake vervroegd aflossen door langstlevende ouder kan een schenking inhouden... betwistbaar Door Wijnkamp Keulers op 25-06-2026 Lees verder
- Ingrepen in de AOW raken vooral leeftijdsgroep 67 jaar en jonger, strijd met EVRM? Door Wijnkamp Keulers op 16-01-2026 Lees verder
- Pacht in beweging, box 3 onder spanning: wat betekent dit voor de particuliere verpachter van landbouwgrond? Door Wijnkamp Keulers op 24-12-2025 Lees verder
- Is de accountant, die de aangifte doet, de beste adviseur, omdat hij u kent? Door Wijnkamp Keulers op 16-12-2025 Lees verder




