Advocaat-generaal bij de Hoge Raad slaat de plank mis bij beoordeling overname Fagoed-financiering
27-07-2026Een agrariër, die een bestaande Fagoed-financiering overneemt, mag deze volgens advocaat-generaal Koopman niet als financiering verwerken en dat terwijl de verkopende agrariër dat wel mocht. Het rare gevolg is dat voor dezelfde set van rechten en plichten, die integraal wordt overgenomen, een verschil in behandeling volgt. Dat standpunt is naar onze mening te onjuist, winst wordt vastgesteld volgens het objectief criterium goed koopmansgebruik, het is niet logisch dat dezelfde feiten niet hetzelfde worden behandeld. De advocaat-generaal laat ten onrechte een deel van de rechtspositie weg, te weten de financiering van het eigendom ten opzichte van de erfpacht. Financiering verdwijnt echter niet doordat een andere ondernemer de gefinancierde grondpositie overneemt.
Wat is een conclusie van een A-G?
Een conclusie is geen uitspraak, het is een advies aan de Hoge Raad, de Hoge Raad kan het advies volgen, maar ook afwijzen. De conclusie van 26 juni 2026, ECLI:NL:PHR:2026:723 zou naar onze visie niet gevolgd moeten worden, het arrest van het Hof zou in tegenstelling tot de conclusie moeten worden vernietigd.
Wat is een Fagoed-financiering?
Fagoed was een fonds dat landbouwgrond kocht en in erfpacht uitgaf met een terugkooprecht voor de erfpachter. Later hebben ook anderen bijvoorbeeld AMEV/ASR dit uitgevoerd. Bij deze vorm van erfpacht houdt een financier de juridische eigendom van landbouwgrond. De agrariër krijgt een koopprijs, die hij kan gebruiken voor investeringen, gebruikt de grond, betaalt en betaalt jaarlijks een bedrag (canon). Hij heeft het recht de juridische eigendom later tegen een vooraf bepaalde, geïndexeerde prijs te verkrijgen. Het economische belang bij de grond ligt door het terugkooprecht grotendeels bij de agrariër. Daarom besliste de Hoge Raad in 1996 dat deze constructie voor de jaarlijkse winstberekening als een geïndexeerde geldlening mag worden behandeld, te vergelijken met een hypothecaire geldlening. De Hoge Raad bevestigde deze economische benadering in 2024.
Waar gaat het nu mis?
In de nieuwe zaken heeft de agrariër de financiering niet zelf afgesloten. Hij koopt van een andere agrariër het erfpachtrecht, het kooprecht en de bijbehorende verplichtingen. De financier blijft eigenaar van de blote eigendom, voor die financier verandert er niets. Voor de nieuwe agrariër/erfpachter ook niet, hij betaalt voortaan de canon en later, bij uitoefening van het kooprecht, de geïndexeerde koopsom in plaats van de oude erfpachter.
De A-G vindt nu dat oude en nieuwe erfpachter niet hetzelfde moeten worden behandeld. In zijn visie neemt de koper geen financiering over, omdat hij nooit eigenaar van de grond is geweest en geen geld van de financier heeft ontvangen. Hij zou slechts een gebruiksrecht en een koopoptie hebben gekocht. Daarmee kijkt de A-G vooral naar de juridische vorm, waarbij hij gemakshalve het terugkooprecht en de schuld zowel voor de canons als de terugkoop weglaat, in zijn visie koopt de nieuwe erfpachter vooral een erfpachtrecht. Dit is in strijd met de portee van het Fagoed-arrest dat juist voorschrijft naar de economische werkelijkheid te kijken.
De financiering loopt gewoon door
Economisch verandert weinig. De financier blijft dezelfde, de blote eigendom blijft bij hem, de canon blijft verschuldigd en de berekening van de latere koopsom blijft gelijk. Alleen de agrariër aan de andere kant van de overeenkomst verandert. De koper betaalt een bedrag aan de verkoper en neemt daarnaast de bestaande financieringslast over. Dat hij de oorspronkelijke hoofdsom niet zelf heeft ontvangen, maakt die verplichting niet minder tot financiering.
Ook de fiscale schrijvers Verduijn en Van Brakel wijzen daarop. Verduijn beschouwt de verkrijging als de overname van de economische eigendom van de grond mét de daaraan verbonden financiering. Van Brakel benadrukt dat de koper veel meer verkrijgt dan tijdelijk gebruik: een belangrijk deel van de prijs ziet op het recht de grond later tegen de vastgelegde prijs te kopen. Wanneer partijen eerst de volledige eigendom zouden leveren en direct daarna een nieuwe Fagoed-financiering zouden sluiten, zou de methode volgens de A-G waarschijnlijk wel kunnen worden toegepast. Het is niet logisch dat een economisch identieke, maar kortere route fiscaal anders wordt behandeld.
Conclusie
De opvolgende agrariër koopt een samenhangende grondpositie: gebruiksrecht, kooprecht, waardebelang en betalingsverplichtingen. De onderliggende economische positie wordt geleverd en gaat over dat moet bij de koper worden beoordeeld. Zolang de voorwaarden niet wezenlijk veranderen en het kooprecht zijn waarde behoudt, moet goed koopmansgebruik verwerking als overgenomen Fagoed-financiering toestaan, geen verschil tussen oude en nieuwe erfpachter. De Hoge Raad is niet aan de conclusie van de A-G gebonden. Naar onze mening moet hij deze op dit punt niet volgen.
Bronnen: HR 10 april 1996, ECLI:NL:HR:1996:AA1866; HR 27 september 2024, ECLI:NL:HR:2024:1157, 1247 en 1248; conclusie A-G Koopman 26 juni 2026, ECLI:NL:PHR:2026:723; publicaties van A. Verduijn en P.J. van Brakel, zoals in de conclusie besproken.
Laatste nieuws
- Advocaat-generaal bij de Hoge Raad slaat de plank mis bij beoordeling overname Fagoed-financiering Door Wijnkamp Keulers op 27-07-2026 Lees verder
- Arrest Hoge Raad inzake niet-bezwaarmakers box 3 2017-2020 niet het einde van de zaak…? Door Wijnkamp Keulers op 26-06-2026 Lees verder
- Kennisgroepstandpunt van Belastingdienst inzake vervroegd aflossen door langstlevende ouder kan een schenking inhouden... betwistbaar Door Wijnkamp Keulers op 25-06-2026 Lees verder
- Ingrepen in de AOW raken vooral leeftijdsgroep 67 jaar en jonger, strijd met EVRM? Door Wijnkamp Keulers op 16-01-2026 Lees verder
- Pacht in beweging, box 3 onder spanning: wat betekent dit voor de particuliere verpachter van landbouwgrond? Door Wijnkamp Keulers op 24-12-2025 Lees verder




