Eén erfgenaam werkt niet mee bij een nog lopende fiscale procedure van een overledene: einde van de fiscale procedure?
04-09-2026Na een overlijden moet vaak meer worden afgewikkeld dan alleen de nalatenschap. Er kunnen ook nog belastingzaken lopen. Denk aan een geschil over inkomstenbelasting, box 3, een WOZ-waarde of een andere fiscale beschikking. Dat kan ingewikkeld worden als de erfgenamen het onderling niet eens zijn.
Een veel voorkomende vraag is dan: kan één erfgenaam door niet mee te werken voorkomen dat bezwaar, beroep of hoger beroep wordt voortgezet?
Het antwoord is: niet zonder meer. Maar juist omdat de regels voor bezwaar en beroep niet volledig gelijk zijn, is snel en zorgvuldig handelen belangrijk.
Eén erfgenaam kan fiscaal veel regelen
Artikel 44 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen geeft een praktische regeling voor belastingzaken na overlijden. De erfgenamen volgen de overledene op in diens fiscale positie. Eén van hen kan daarbij namens de erfgenamen optreden bij de uitoefening van fiscale rechten en verplichtingen.
Dat betekent bijvoorbeeld dat niet voor ieder contact met de Belastingdienst eerst alle erfgenamen een afzonderlijke machtiging hoeven te ondertekenen.
Ook bezwaar tegen een belastingaanslag kan daardoor in beginsel door één erfgenaam worden gemaakt.
Dat is logisch. Zonder zo’n regeling zou één erfgenaam de fiscale afwikkeling van een nalatenschap eenvoudig kunnen blokkeren door nergens aan mee te werken.
Bij beroep voor de rechter ligt het ingewikkelder
Zodra een belastingzaak bij de rechtbank, het gerechtshof of de Hoge Raad komt, gelden strengere eisen.
De Hoge Raad besliste op 2 oktober 2020 dat een cassatieberoep niet-ontvankelijk was omdat niet voldoende kon worden vastgesteld dat de gemachtigde namens alle erfgenamen optrad.
Dat arrest betekent dat men bij een gerechtelijke procedure niet zonder meer kan volstaan met de mededeling dat één erfgenaam namens “de erven” handelt.
Er moet duidelijk zijn:
• wie de erfgenamen zijn;
• namens wie wordt geprocedeerd;
• en waarop de bevoegdheid van de persoon die de procedure voert is gebaseerd.
Dat verschil tussen optreden tegenover de Belastingdienst en procederen bij de belastingrechter is ook in de fiscale literatuur gesignaleerd. Onder anderen mr. D.J.E. de Kruijf bespreekt dit in het NL Fiscaal-commentaar bij artikel 44 AWR. E.D. Postema wees in NTFR 2021/2908 eveneens op de problematische positie, die kan ontstaan wanneer erfgenamen onderling verdeeld zijn.
Een oude volmacht kan verrassend belangrijk zijn
Een uitspraak van Hof Arnhem-Leeuwarden van 24 september 2019 laat zien dat een dwarsliggende erfgenaam niet automatisch een procedure kan blokkeren.
In die zaak waren vier erfgenamen. Eén van hen verleende geen afzonderlijke machtiging voor de belastingprocedure. De rechtbank verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk.
Het gerechtshof corrigeerde dat oordeel.
Er bestond namelijk al een oudere volmacht waarbij één van de erfgenamen door alle overige erfgenamen was gemachtigd om de nalatenschap te beheren. Volgens het hof kan tot dat beheer ook behoren:
• bezwaar maken tegen belastingaanslagen;
• beroep instellen;
• en verdere rechtsmiddelen gebruiken.
Omdat de bestaande volmacht voldoende ruim was en rechtsmiddelen niet waren uitgesloten, hoefde niet voor iedere procedure opnieuw toestemming aan alle erfgenamen te worden gevraagd.
Dat is in de praktijk een belangrijk aandachtspunt.
Een volmacht, die jaren eerder bij de afwikkeling van een nalatenschap is opgesteld, kan dus later van grote betekenis blijken voor een fiscale procedure.
Laat een beroepstermijn nooit verlopen door familieruzie
Het grootste praktische risico ontstaat wanneer er al een uitspraak van de rechtbank ligt.
Voor hoger beroep geldt in de regel een termijn van zes weken. Het is onverstandig om die termijn te laten verstrijken, terwijl erfgenamen nog discussiëren over een machtiging.
De veiligste aanpak is doorgaans dat de erfgenamen, die wél willen procederen, tijdig het rechtsmiddel instellen en duidelijk aangeven in welke hoedanigheid zij optreden.
Daarna kan worden beoordeeld welke aanvullende documenten nodig zijn, bijvoorbeeld:
• een verklaring van erfrecht;
• een bestaande boedel- of beheersvolmacht;
• een testament;
• eerdere afspraken tussen erfgenamen;
• of andere stukken waaruit de vertegenwoordigingsbevoegdheid blijkt.
Een discussie over de vraag wie de nalatenschap in rechte mag vertegenwoordigen is immers iets anders dan een beroep dat definitief verloren gaat omdat niemand binnen zes weken iets heeft gedaan.
Heeft één erfgenaam dan een vetorecht?
Niet zonder meer.
Het fiscale procesrecht kent formele regels, die serieus moeten worden genomen. Maar daaruit volgt niet automatisch dat iedere erfgenaam bij ieder rechtsmiddel opnieuw zijn toestemming moet geven.
Vooral wanneer al eerder een ruime beheersvolmacht is afgegeven, kan die bevoegdheid ook het voeren van belastingprocedures omvatten.
Daarnaast hebben erfgenamen een rechtstreeks financieel belang bij een juiste fiscale afwikkeling. Een te hoge belastingaanslag verlaagt immers het vermogen dat uiteindelijk binnen de nalatenschap beschikbaar is.
Ons advies: controleer volmachten en termijnen direct
Bij fiscale procedures na overlijden moet daarom snel worden vastgesteld:
wie erfgenaam is, welke procedures lopen, welke termijnen gelden en welke volmachten al bestaan.
Juist bij onenigheid tussen erfgenamen is het onverstandig eerst af te wachten of iedereen alsnog tot overeenstemming komt.
Een tijdig ingestelde procedure kan later juridisch worden onderbouwd. Een verstreken beroepstermijn is vaak niet meer te herstellen.
Heeft u te maken met een lopende belastingprocedure na een overlijden, een erfgenaam die niet meewerkt of onduidelijkheid over een oude volmacht? Dan is het verstandig om de procespositie en de lopende termijnen direct te laten beoordelen.
Laatste nieuws
- Nieuw Box 3-besluit: let bij nalatenschappen ook op oude belastingjaren Door Wijnkamp Keulers op 04-09-2026 Lees verder
- Eén erfgenaam werkt niet mee bij een nog lopende fiscale procedure van een overledene: einde van de fiscale procedure? Door Wijnkamp Keulers op 04-09-2026 Lees verder
- Btw-verlegging bij agrarisch loonwerk: BTW verlegd of gewoon facturen met BTW blijven hanteren? Door Wijnkamp Keulers op 03-09-2026 Lees verder
- Advocaat-generaal bij de Hoge Raad slaat de plank mis bij beoordeling overname Fagoed-financiering Door Wijnkamp Keulers op 27-07-2026 Lees verder
- Arrest Hoge Raad inzake niet-bezwaarmakers box 3 2017-2020 niet het einde van de zaak…? Door Wijnkamp Keulers op 26-06-2026 Lees verder




